Vanaf het moment dat ik in dit boek begon te lezen was ik volkomen in de ban van de duivelse hoofdfiguur en de vertelkunst van Ron Rash. Zondag heb ik het dichtgeslagen en moest naar adem happen: een waanzinnig einde! Serena was voor mij een absolute verrassing ook omdat de tekst op de achterkant niet de kracht en complexiteit van deze roman doet vermoeden.
Het verhaal is gesitueerd in de zuidelijke Appalachen – het gebied van de Smoky Mountains tussen North Carolina en Tennessee – ergens in de jaren 30 van de vorige eeuw ten tijde van de depressie toen onder de presidentschap van Roosevelt ook natuurbescherming op de nationale agenda gezet werd.
Het echtpaar Pemberton wil van zulke natuurprojecten echter niets weten, zij zien het als hun plicht de geschenken Gods grondig te oogsten en de prachtige bossen kaal te slaan om met houthandel hun fortuin te maken. Serena Pemberton is een verbazingwekkende verschijning voor de traditionele bergbewoners en houtwerkers: ze is jong, slim, mooi en ongewoon sterk, vooral van wilskracht. Ze draagt haar haar kort, draagt broeken en rijdt op een paard als een man (bovendien met een Mongoolse adelaar op haar arm). Zij is degene die beslissingen neemt orders geeft en de houtwerkers overziet. Ze dwingt meteen respect af bij iedereen die haar tegen komt.
Haar man adoreert haar en toch beginnen langzaamaan twijfels te knagen die hij panisch probeert weg te wuiven..







